Als het in je DNA zit om anderen te helpen, dan blijf je dat je leven lang doen. Ook al kom je op een leeftijd dat je zelf ook hulp nodig hebt. Daar is Trees Houthuijs een prachtig voorbeeld van. Zes jaar geleden verhuisde ze naar Berghorst, waar ze jarenlang werkzaam was als vrijwilliger. Nu ze er zelf woont, is ze daar zelfs op 96-jarige leeftijd nog lang niet mee klaar en helpt ze nog steeds waar ze kan.
Trees heeft haar hele leven in de zorg gewerkt. Dat zorghart stopt natuurlijk niet ineens met kloppen als je stopt met werken. “Ik wilde m’n tijd nuttig blijven invullen”, zegt Trees. “Daarom ben ik in 2006 vrijwilliger geworden bij Berghorst. Ik woonde ernaast, dus dit was mooi in de buurt. Ik heb hier dertien jaar lang bij van alles geholpen. Ik verzorgde veel creatieve activiteiten, zoals handwerken, hielp mee met de bingo, schonk koffie, verkocht haring en hielp mee met de kerstversiering. Ook ondersteunde ik de zorg zo nu en dan, zodat zij hun handen vrij hadden voor andere dingen.”
Je eigen huis is natuurlijk het best, maar ik heb hier zeker mee geboft.
Nog steeds vrijwilliger
Toen Trees zes jaar geleden ernstig ziek werd, lukte het niet meer om zelfstandig te wonen en verhuisde ze naar Berghorst, dat door haar vrijwilligerswerk direct voelde als thuis. “Je eigen huis is natuurlijk het best, maar ik heb hier zeker mee geboft. Vooral met dit appartement aan de achterzijde, waarvan ik wist dat ik er een mooi uitzicht op het park zou hebben. Ik heb niets te klagen”, zegt Trees tevreden. Ook van haar vrijwilligerswerk heeft ze geen afscheid hoeven nemen. “Ik verkoop nog steeds haring, help bewoners met handwerken en help mee bij het ontbijt. Eigenlijk voel ik me nog steeds vrijwilliger, ook al zit ik nu aan de andere kant van de tafel en zit er altijd een ‘echte’ vrijwilliger bij. Ik ben het nou eenmaal zo gewend; voor ik er erg in heb, help ik al. Bovendien voel ik me er een beetje meer mens door. Het zou niet makkelijk voor me worden als dat weg zou vallen.”
Betrokken
Het verhaal van Trees laat mooi zien hoe belangrijk het is om de dingen te blijven doen die je altijd gewend was te doen en waar je plezier in had, zolang het nog kan. Daar wordt ze ook geweldig in ondersteund door haar dochter en haar schoonzoon Harry, die vaak over de vloer komen. Bijvoorbeeld om haar te helpen met de boodschappen en de was. Of gewoon om even koffie te drinken of samen te winkelen. Harry zit zelf in de cliëntenraad van Berghorst en ziet dat het ook wel eens anders is. “Het valt mij op hoe weinig contact er soms is tussen bewoners en naasten. Maar ik denk dat het heel belangrijk is om als familie betrokken te blijven”, zegt hij. “Dat was vroeger in bejaardentehuizen misschien anders, toen we gauw geneigd waren te denken: ons werk als naaste zit erop. Maar het is belangrijk dat naasten en bewoners hun leven zoveel mogelijk blijven leiden zoals ze dat altijd al samen deden. Zo kunnen zorgmedewerkers de zorg op een goed niveau houden.”
Met elkaar
Ook Trees vindt dat ze boft met alle hulp die ze krijgt van haar familie. Al vindt ze zorgtaken toch echt iets voor de professional. “Ik zit hier niet voor zweetvoeten”, zegt ze lachend. “Ik heb serieuze verzorging nodig en zou het niet prettig vinden als m’n dochter dat zou moeten overnemen. Harry knikt. “We moeten ons er gewoon wat beter van bewust zijn dat de mensen hier zelfstandig wonen in hun eigen woning, waar ze weliswaar zorg krijgen, maar waar we óók gewoon moeten doen, wat we altijd samen deden. Dit is een woongemeenschap waar we allemaal deel van uitmaken: bewoners, medewerkers, vrijwilligers en naasten. We moeten het echt met elkaar doen.”
Benieuwd naar de andere verhalen uit het magazine?